

Je hebt bedacht wat je gaat verkopen en tegen welke prijs. Maar levert jouw onderneming uiteindelijk ook geld op?
Met een exploitatiebegroting bereken je hoeveel winst je verwacht te maken in een bepaalde periode. Zo zie je of jouw plannen financieel haalbaar zijn en kun je op tijd bijsturen als dat nodig is.
Je omzet is het bedrag dat je verwacht te verdienen met de verkoop van jouw producten of diensten.
Je berekent dit eenvoudig door:
Aantal verkochte producten × verkoopprijs (exclusief btw) = omzet
Voorbeeld:
Je verwacht 50 producten te verkopen voor €5 per stuk.
50 × €5 = €250 omzet
Van de omzet trek je eerst de kosten af die direct nodig zijn om jouw product te maken of in te kopen. Denk bijvoorbeeld aan materialen of inkoopkosten.
Omzet – inkoopkosten = brutowinst
Voorbeeld:
Omzet: €250
Inkoopkosten: €125
Brutowinst: €125
Naast de inkoopkosten maak je vaak nog andere kosten, zoals marketing, verpakkingsmateriaal of een teamoutfit.
Door deze kosten van de brutowinst af te halen, bereken je de nettowinst.
Voorbeeld:
Brutowinst: €125
Overige kosten: €60
Nettowinst: €65
Over de winst die je maakt, betaal je als ondernemer meestal belasting. Trek je deze belasting van de nettowinst af, dan houd je de winst na belasting over. Dit is het bedrag dat uiteindelijk écht overblijft.
Kom je er tijdens het maken van je exploitatiebegroting achter dat je weinig of zelfs geen winst maakt? Dan kun je bijvoorbeeld:
Zo kun je jouw plannen aanpassen voordat je echt van start gaat.
Het break-evenpoint is het moment waarop je precies genoeg verkoopt om al je kosten terug te verdienen. Je maakt dan nog geen winst, maar ook geen verlies.
Alles wat je daarna verkoopt, levert wél winst op. Daarom is het handig om te weten hoeveel producten of diensten je minimaal moet verkopen om quitte te spelen.
💡 Tip: Kijk niet alleen naar het beste scenario. Bereken ook wat er gebeurt als de verkoop tegenvalt.





